Time is of the essence.

Vandaag wederom een lange etappe naar de laatste stad van formaat in Marokko, surfwalhalla Dakhla!!

Wederom vertrokken wij in de vroege ochtend zodat wij de tijd voor ons zouden houden hetgeen tot nu toe bijna nooit gelukt is

Met een heerlijke frisse zeewind en zeemist waardoor de ruitenwissers hun werk eindelijk eens mochten doen (en meer schade opleverde dan beter zicht)Lieten wij Laayoune achter ons.

Toen de diesels lekker snorden werd de snelheid rap opgevoerd zodat wij de 550 kilometer vlot konden aftikken, de weg was tenslotte prima. Totaal geen landschap van betekenis want de oceaan konden wij niet zien en het landschap was kaal en dor, niet eens mooie zandduinen te bewonderen.

Wij waren gewaarschuwd voor zeer enthousiaste politieagenten die alles wilde doorsnuffelen, maar onze ervaring was geheel anders. Een zeer vriendelijke benadering en altijd proberen een praatje te maken. Rene en Nils hebben 1 blik stroopwafels aan een agent kunnen slijten die wat beduusd keek (hij kreeg het nadat hij ons had goedgekeurd).

Het kost natuurlijk altijd even tijd om de politieposten door te komen waardoor de auto’s een beetje uit elkaar rijden. Ren en Nils passeerden vlak voor een mooi havenstadje als laatste een checkpoint en rustig sukkelden wij door de stadje, om door te rijden naar eindbestemming Dakhla.

Plotseling waren we alleen op de weg, niemand te zien en zeker geen teamgenoten. Omdat er geen zand in de buurt was konden wij ook niet verwachtten dat Wiebe of Marc een zijweg waren ingedoken om te gaan zandhappen. Langzaam sukkelden wij door en wij naderden een politiepost. Het idee werd geopperd om terug te draaien maar dat zou wellicht verdacht overkomen bij een checkpoint …. Wij passeerden de politiepost en besloten de auto te parkeren aan de rand van de oceaan, een mooie desolaat laatje. Een paar minuten later zagen wij de anderen in de verte. Het bleek dat de voorste auto’s zich zeer verdekt, overzichtelijk voor ons …, hadden opgesteld in een donker zijstraatje. Het idee was opgevat om een militaire haven in te gaan hetgeen deze keer eens niet was gelukt.

De plek aan de oceaan was te mooi en de koffiepot werd tevoorschijn gehaald. Niets beters dan goede koffie van Cees aan de rand van de afgrond met de mooie Atlantische oceaan als achtergrond.

Echter, snel weer de weg op en door. Af en toe verliet de weg de kust waardoor de zeemist direct verdween en de zon vol door kon komen. Helaas nog steeds geen mooier landschap. De vraag doemt dan op waarom je over dit stuk land onenigheid kan hebben tenzij natuurlijk olievoorraden zijn aangetroffen …

Net op het moment dat het eentonig zou worden werd een teamoverleg langs de weg gepland. Omdat het vrij snel ging leken wij voor 1500 uur aan de zee te kunnen liggen. Dat zou dan voor het eerst zijn deze trip want schemering en aankomsten in het donker waren gewoonte geworden. Iedereen was akkoord snel voort te gaan en dus schoten wij het ruige stuk in de rotsmassa op om vervolgens horend en stotend richting de zee te laveren als een zeilboot met tegenwind. Ergens was er iets mis gegaan in de communicatie …… Tegeltjes vlogen in het rond, brekend onder machtige wielen van onze bolides, en de scherpte van de stenen konden wel eens verwoestend werken op het rubber van de banden.

Nabij de Oceaan moest nog wel zo’n 100 meter worden gedaald om bij de zee te geraken via zeer steile kliffen. We waren er nu toch …Serieus 4×4 rijden met hellingspercentages van meer dan 20% aan de rand van een klif waar een wagen en mens zomaar verloren kon gaan was het prachtige vervolg.

Natuurlijk moesten we natuurlijk eten en met een heerlijke champignonsoep werd genoten van het ruige terrein. Inmiddels zaten we al wat krapper in de tijd en wij proberen vlot de weg terug te vinden naar de hoofdweg wat na 3 pogingen lukte.

Natuurlijk was er weer 1 auto verdwenen, echter na een klein stukje zien wij iemand driftig zwaaien in de verte. Marc had iemand in nood gevonden , een grote dikke Audi Q7, die zijn band had lek gereden op een gevaarlijke pothole in de weg. 6 man omsingelden de arme jongen (25-30 jaar, wat deed hij daar in zo’n dikke wagen?) en hoewel de man uitlegde dat hij 2 uur lang alles had geprobeerd werd zijn auto minuscuul doorzocht door 6 techneuten op zoek naar een slotbout om zijn band te kunnen verwisselen. Hij had niet gelogen en dus moest iets anders worden bedacht. Met een paar krachtige hamerslagen werd geprobeerd een sleuteldop op de bout te bevestigen zodat het wiel kon worden losgedraaid. Echter niet voordat Marc de jongen heel duidelijk had uitgelegd dat het schade zou kunnen opleveren.

Na verschillende pogingen moest de strijd tegen het wiel worden gestaakt. Besloten werd de jongen een lift te geven naar het dichtstbijzijnde tankstation waar hij andere hulp kon vragen. De auto’s werden opnieuw ingericht zodat de jongen mee kon rijden.20 kilometer verder doemde een tankstation op en wij namen afscheid van onze ongelukkige man. Met een gelukzalig gevoel een goede daad te hebben vehrricht gingen wij door.

De snelheid moest weer omhoog om op tijd in Dakhla te geraken want wij moesten de gids regelen voor de grensovergang naar Mauritanië. Niettemin, drukke werkzaamheden aan de lange weg van Agadir naar Dakhla leverden wat spannende momenten op tijdens wegdeviaties want wij belandden steeds op een stuk off road maar snelheid wilden wij niet verminderen.

Na de laatste politiepost voor Dakhla te hebben gepasseerd moesten wij nog 40 kilometer het schiereiland op crossen. Volgens kenners een kite surf walhalla voor een hoop waterliefhebbende sporters en wij konden inderdaad de voordelen zien. Een prachtige baai aan de binnenkant met wit zand, bescherming biedend tegen de Atlantische Oceaan en voor de pro’s de Oceaan met machtige golven. Goede wind en dikke 30 graden zijn een goede basis voor kite surfers….

Dakhla is duidelijk aan het uitbreiden en zoals al vaker beschreven lijkt het land een goede ontwikkeling door te maken. Wij waren precies op tijd om kennis te maken met Sidi Yoba, de gids van de organisatie, die onze auto’s indeelde voor de tocht naar Mauritanië. Tevens kwamen wij daar bijna alle andere deelnemers tegen die wij al lang niet hadden gesproken, iedereen met hun eigen verhaal.

Hedenochtend 0600 gaan wij in konvooi richting de grens. De omstandigheden worden waarschijnlijk lastiger maar wij zullen proberen regelmatig te blijven rapporteren over onze vorderingen.

Zij die gaan rijden groeten u.

Frustratie !!

Na een warme onrustige nacht liepen een aantal wekkers af om 0600. Deze keer geen gillende speakers om ons heen die om 0500 een boodschap proberen over te brengen want onze slaapplaatsen lagen ver weg van de bewoonde wereld. Wij hebben Cees die altijd de eerste is en ons probeert aan te sporen snel de wagens in beweging te krijgen. We zijn tenslotte op een missie.

Wanneer de laatste zijn haar in model heeft gebracht wordt de auto indeling bekeken en gaan wij op pad. De etappe naar Laayoune betrof maar liefst 550 kilometer en hoewel was verteld dat het asfalt betrof, blijft altijd de vraag of de kwaliteit voldoende is om snelheid te houden.

Nog geen 10 kilometer verder, zagen wij een pompstation dat niet zou misstaan in een film uit de jaren 30. Natuurlijk met een smeerputje dus werd besloten de auto’s af te tanken en even een korte ochtendinspectie gehouden. Beter voorkomen als genezen.!! De technici maakten zich in ieder geval niet druk om de kwaliteit van de brandstof hoewel de uitstraling van de pompen zelf zeer te wensen overliet ……

De gang werd er in gezet en al snel reden wij tegen de 90 kilometer per uur richting het westen, de Atlantische Oceaan tegemoet. De weg was feitelijk prima en gezien het tijdstip was er weinig tot geen verkeer op dat moment. De bergen werden langzaam achter ons gelaten en de Anti Atlas maakte plaats voor vlaktes die een desolate indruk maakten. Na een van de laatste heuvelpassages, bergen kan ik het niet meer noemen, zagen wij in de verte een vreemde band in de lucht. Het was echter geen lucht maar de machtige Atlantische Oceaan doemde op en de zee trekt altijd voor de meeste mensen.

In het altijd gezellige stadje TanTan parkeerden wij de auto’s eventjes voor een bakkie en omdat het een internet café was, keerde iedereen zich tot zijn media apparaat om het thuisfront te voorzien van nog meer mooie beelden.

De snelheid werd snel verder verhoogd na het verlaten van de stad en wij belanden op de hoofdweg naar het zuiden en andersom voor onze tegenliggers. Een redelijke asfaltweg waar duidelijk de contouren van een nieuw aan te leggen weg zichtbaar waren want de bedoeling is de gehele westkust van Afrika te ontsluiten tot aan Gambia waar onder andere Breadbox betrokken is in Gambia met de bouw van een brug over een rivier.

Dus links hadden wij niets dan vlaktes die langzaam veranderen in een zandachtig landschap en rechts hadden wij de Atlantische Oceaan naast ons liggen. Deze contrasten kunnen vaak relativerend werken maar direct frustrerend voor het team. Een aantal rijders wil niets liever de zanddduinen induiken en werken aan de 4×4 skills zodat wij niet elke zandpassages direct vast komen te zitten zoals tot op heden is gebleken, en een aantal anderen rijden niets liever de auto’s tot aan de vloedlijn en willen de zee in springen. De tijdsdruk verhindert deze plannen constant hetgeen af en toe tot prikkelbaarheid leidt maar wij verliezen het grotere doel niet uit het oog, Dakar halen.

Een verandering in houding was duidelijk merkbaar bij de autoriteiten. Voorheen hadden wij al veel politieposten gezien maar omdat wij als toeristen werden gezien mochten wij door en werden lokale mensen aan de kant gezet. Echter, nu werden wij aangehouden en werden wij gedwongen onze registratiepapieren, paspoorten autopapieren te laten zien. Of dit nu was om te weten waar wij zijn voor het geval er iets zou gebeuren onderweg werd niet geheel duidelijk. Geheel onvriendelijk was de sfeer echter niet zoals wij een redelijk goed gevoel hebben tot nu toe over de houding van de mensen jegens ons.

Kilometers werden afgelegd en het was wel duidelijk dat de lunch op een fantastische plek aan de Atlantische Oceaan zou moeten worden genoten. De weg liep zo’n 30-100 meter van de Oceaan en duidelijk was dat het water het aan het winnen is van het land. Grote inhammen konden worden gezien waar de machtige golven tegenaan beuken en langzaam het land doen afbrokkelen. Dat zou betekenen dat op sommige plekken binnen afzienbare tijd de weg verlegd moet worden om niet opgeslokt te worden door de oceaan.

In de middag vonden wij dan een plek om de auto’s en onszelf even rust te gunnen en de auto’s doken richting de oceaan. Natuurlijk wilde een aantal mensen het zand even in rijden van het strand wat prompt leidde tot een ingegraven auto. Samen werd met veel hilariteit de auto weer vrij gemaakt. Bij een tweede maal werd al iets serieuzer gekeken over het rijden in zand want dat hebben wij tenslotte nog voor de boeg.

Op het strand ontmoetten wij een andere roedel en samen genoten wij van heerlijke hotdogs en werden vrienden voor het leven gemaakt in korte tijd. Zonder echt contact te maken werd afscheid genomen van het strand en onze nieuwe vrienden want er volgde nog een lange weg. Menig traantje werd gelaten op dit emotionele moment maar de waarheid is hard en wij moesten door.

Naast de zandduinen en uitgestrekt vlaktes viel ook op dat er een groot aantal vrachtauto’s reden op deze weg, of in ieder geval een hoeveelheid die wij eerder niet hadden gezien. Zeer vriendelijk en assisterend bij inhaalmanouvres werden deze auto’s gepasseerd.

Aldus voelden wij ons een beetje als Max Verstappen die op de laatste startrij moet beginnen en aan een lange inhaalrace moet beginnen. De laatste startrij is dan vaak het gevolg van een straf maar wij doen dat anders. Tot onze grote schrik werd de auto van Menno en Nils uit de race gehaald door 2 agenten die langs de weg stonden. Dit was geen routine controle maar een heuse aanhouding. De andere auto’s mochten door maar wij werden aan de kant gezet en de nors kijkende heren deden het ergste vermoeden. Een agent liet een lasergun zien uit het jaar kruik, maar wist stellig dat wij 74 km/u reden op een stuk waar je 60 mocht. Direct een leermoment om de Duitse stijl aan te nemen en hard te remmen ipv de Hollandse gemakzucht om de auto uit te laten rollen totdat je een kilometer verder op de maximale snelheid zit. Achter elke duin/kameel kan natuurlijk een agent zitten met een lasergun. De discussie of het materiaal geijkt was hebben wij maar achterwege gelaten en gelaten wachtten wij op ons lot. Hoewel wij niet het idee hadden deze trip verplicht met een aantal weken te moeten verlengen blijft altijd de vraag wat er gaat gebeuren.Menno moest alles afgeven aan de agent en met wat handen en voeten en een petit peu Frans begrepen wij dat een boete van 150 dirham zou worden opgelegd. Gretig betaalden wij de boete en na terugontvangst van de papieren en een officiële bekeuring vervolgden wij onze weg.

10 kilometer voor onze bestemming volgde nogmaals een controle post en omdat er een tankstation bij de controle post besloten wij de auto’s direct vol te gooien. Hoewel er een verschil was in controle posten stond er vijftig meter verder weer een politiepost die wederom naar dezelfde papieren vroegen. Op efficientiegebied nog een slag te maken of ontmoedigingsbeleid??

Laayoune is een grote stad met mooie faciliteiten, echter overal zie je leger en politie die blijkbaar controle moeten bewaren of uitstralen dat er controle is. Wij hebben geen borden gezien over Westelijke Sahara en dus is het voor de beeldvorming gewoon Marokko.

De volgende etappe is naar Dakhla van wederom ruim 500 km, waar wij veel controles verwachten maar hopelijk een prachtig contrast kunnen zien tussen woestijn en zee. Prachtig, maar totaal nutteloos voor de mens en vele diersoorten.

Zij die gaan rijden groeten u.

Walk in the park?

Vanuit Taroudant vertrokken wij wat later dan gepland richting Icht, een rit van ruim 250 kilometer. Op het eerste gezicht leek het een relaxte route door de Anti Atlas te worden maar zoals wel vaker tegen.

De sousvlakte werd snel achter ons gelaten en de auto’s brachten ons snel naar een hoogte van 1200 meter. Voor het nageslacht wilden wij een fotomomentje houden en vlak voor een bocht met zicht op de Sousvlakte en de Hoge Atlas werden de auto’s aan de zijkant van de weg gezet. De zon brandde reeds hevig en de nodige foto’s werden geschoten.

Echter, uit het niets begonnen 2 auto’s vervaarlijk te sissen en er liep vloeistof onder uit de auto’s. Snel werden de motorkappen geopend om te zien wat het euvel was. 2 autos waren warm gelopen en bij 1 auto was een slang gesprongen. Aldus kwam het engineering team wederom in actie en werd gekeken hoe het euvel kon worden verholpen.

Ruim een half uur later had het dream team de nodige reparaties verricht en konden wij onze reis vervolgen. Bochtige wegen maar met vrij nieuwe asfalt golfden wij door prachtige landschappen richting het zuiden. Het leek een rijker stuk Marokko te zijn waar wij doorheen kruisten omdat het huizen netjes waren en er leek iets van orde te zijn…

De weg leidde ons via Tafraoute alwaar wij een pauze inlasten voor de innerlijke mens. Een schitterend stadje met wuivende palmen en vele faciliteiten tartte onze verbazing omdat wij toch naar het arme zuiden gingen? Daarnaast waren de voorraden geslonken en werd de plaatselijke Albert Hein bezocht voor de nodige proviand.

De foto’s zullen dat duidelijk maken maar kiezels zo groot als auto’s lagen opgestapeld op posities die wanneer er iets van beweging zou komen, zullen zorgen voor slachtoffers en volledig blokkering van wegen. Niettemin, een schitterend plaatje.

Omdat het een voorspoedige rit betrof met de onfortuinlijke spoedreparatie als minpuntje begon het te kriebelen bij Wiebe. Wij waren nog niet in een rivierbedding geweest of een vreselijke bergpas opgeklommen die alleen met een 4×4 te doen was. Wiebe besloot de route iets aan te passen en wij doken rechts een zandpad in om gekleurde bergen te gaan zien. Na 300 meter werd de weg erg smal en de stroomkabels hingen gevaarlijk laag over de weg. Onze auto’s met de roofracks en banden op het dak waren zeker niet laag te noemen. Menno en Nils zagen een man staan die ons wilde uitleggen dat de weg gesloten was. Deze keer werd een splitsing gemaakt in het team want Wiebe en Erik waren al doorgereden want waarom zou deze man nu wel gelijk hebben? De man had uitgelegd dat zoveel kilometer verder een pad ingedraaid kon worden om alsnog die gekleurde bergen te zien.

Menno en Nils draaiden om en kropen de weg op om te zien of er een stofspoor te zien was wat zou duiden op een succesvolle actie van Wiebe. Niets was minder waar en na een minuut of 10 doemden de 2 bolides op achter ons omdat de weg afgesloten was.

Niet getreurd want het gebied zit vol met zijwegen, alleen de vraag is altijd weer wat je dan tegenkomt. Een paar kilometer verder dook Wiebe wederom een zijweg in die ons leidde naar een hooggebergte. Echter, mooi asfalt en 70 kilometer verder kwamen wij op dezelfde weg uit, alleen 15 kilometer verder. Met nog 100 kilometer te rijden en de naderende schemering beloofde het weer een uitdagend slot van de dag te worden want in het donker rijden is gewoonweg bloedlink in Marokko.

Via een uitgeslepen bergketen scheurden wij richting Icht en op 50 km doen wij een rivierbedding in. De weg was een combinatie van zand en grind en wegwerkzaamheden waren in volle gang aan de zijkanten van de rivierbedding. Hoewel het al 3 jaar niet geregend had in dit gebied zou er dan toch een begaanbare weg zijn mocht het een nat seizoen worden.

Genietend van het mindere wegdek en het gevoel off road te rijden vlogen wij de vallei door op zoek naar de Sahara. Aan het einde van de vallei moesten wij nog een bergketen trotseren met hellingspercentages van wel 15%. De auto’s hielden zich echter prima. De duisternis trad in en de snelheid moest gedwongen omlaag omdat in de dorpjes mensen de gewoonte hebben alf op de weg te lopen en er is geen fiets met licht, dus was het weer opletten tot het laatste moment.

Uiteindelijk arriveerden wij in ons kamp. Aldaar bleek dat de schrijver lichte koorts had vanwege waarschijnlijk vochtgebrek (we drinken toch genoeg blikjes bier??) en werd het bed al snel opgezocht.

Inmiddels was wel duidelijk dat de voorraden ‘ goodies’ ook geslonken waren want Marc en Cees strooiden regelmatig met sjaals, pennen en andere attributen. Blijft leuk om te zien hoe met name kinderen blij kunnen zijn met simpele spullen voor ons maar voor die kinderen blijkbaar zeer speciaal.

Gisteren werd ook aangestipt dat vandaag keuzes gemaakt moesten worden. Besloten is de route van het roadbook te volgen zodat wij met de zand Challengers in Dakhla verzamelen en daar samen Mauritanië in te rijden om de woestijn te verkennen. Nu volgen 2 dagen rijden waar maar liefst 1100 kilometer zullen worden afgelegd om in het zuidelijkste puntje van Marokko/Westelijke Sahara terecht te komen.

Zij die alweer aan het rijden zijn groeten u.

Le plus Beau Maroc

Na 8 volle dagen rijden was het team redelijk uitgeput in Marrakech aangekomen alwaar op zondag een rustdag was ingebouwd om de auto’s en rijders op te kalefateren.

Omdat het team niet bekend was met de stad Marrakech behalve Jan, werd in plaats van gereden aan de stappenteller gewerkt om de zinnen te verzetten en deze mierenhoop van een stad te doorgronden. Duizenden verkopers van dezelfde spullen proberen in hun dagelijkse levensonderhoud te voorzien en natuurlijk 8 grote mannen genieten voldoende aandacht. Vele toeristen zwerven door deze mooie stad waar iedere paar uur door de speakers wordt gegalmd, beginnend om 0500 in de ochtend!!

Natuurlijk was er absoluut geen tijd om de stad voldoende op te snuiven maar het gaf weer een mooi beeld an het dagelijks leven in een grote stad in Marokko.

Omdat wij de volgende dag wederom de Hoge Atlas zouden passeren werd afgesproken om 0630 op maandagochtend te gaan rijden. De auto’s waren dan wel snel nagekeken maar vanwege het grote gebrek aan ruimte op de parkeerplaats was het beter om in de vroege ochtend een mooie smeerput op te zoeken net buiten de stad. De serene rust in de stad was bijna beangstigend in verhouding tot de duizenden mensen die zich overdag en in de avond op straat begeven. Snel werd een foto genomen midden in het centrum van de stad en weg waren we, op pad naar de onzekerheid van het Zuiden van Marokko/Westelijke Sahara met nog steeds als einddoel Dakar.

Jan vond natuurlijk al snel een mooi plekje om de auto’s vol te gooien met diesel zodat er geen onzekerheid zou zijn om de geplande etappe te kunnen halen. Gelukkig bleken er geen noemenswaardige problemen en na het ochtend ritueel vertrokken wij zuidwaarts.

De pas door de Hoge Atlas was van mindere kwaliteit en na onze vorige ervaring met bergpassen beloofde het weer een mooi avontuur te worden met als doel Taroudant te halen, in de buurt van Agadir.

Koffie werd zoals gebruikelijk gepland aan de rand van de weg, althans meestal op een plek waar men met een gewone auto niet kan komen zodat wij in alle rust kunnen genieten van de koffie en thee die Cees produceert. Tevens levert vaak een route in een lege rivierbedding schitterende beelden op en worden mannen weer even jongens om toch met name te kijken of de gehele etappe niet via een rivierbedding kan worden afgelegd.

Al snel schoten wij de bergen in waar de temperatuur terugliep naar 4 graden … De schaduwzijde van de bergen beschermde het wegdek enigszins tegen de brandende zon. Dit gebied staat bekend als het skigebied met bergtoppen tot 4100 wat een machtig gezicht oplevert en voer voor de amateur fotograaf.

Concentratie werd echter gevraagd van de 4 rijders omdat de weg smaller was dan normaal en duidelijk vormen van slijtage liet zien vanwege een blijkbaar zware winter. Kronkelend werd de weg naar boven ingezet met af en toe gevaarlijke passages met andere grote auto’s zoals vrachtwagens vol met mensen en ezels, paarden en andere dieren.

Naderbij de top schoot René door een bocht waarbij direct op een grote camper werd gestuit met een soort van noodstop als gevolg. Rechts een diepe greppel voor ons en rechts van de camper een gapend gat van 1000 meter. Een Nederlands echtpaar bleek rond te trekken in Marokko maar de ogen van de vrouw die op de passagiersstoel zo’n beetje boven de afgrond hing gaven een doodsangst bloot die bijna hilarisch was, maar dit was een zeer serieuze passage.

De kleuren om ons heen zijn feitelijk door mij met geen pen te beschrijven maar het team genoot zichtbaar van de omgeving hoewel de route niet extreem was voor ons vergeleken met de verschrikkingen in de Sahara. Opvallend was ook het aantal fietsers die wij tegenkwamen op deze route en gezien het hellingspercentage moet dat een enorme uitdaging zijn voor die mensen. Echter, geen tijd voor praatjes want wij moesten gewoon door richting Dakar.

Op 2100 meter kwamen wij op de top van de bergpas maar omringd door gigantische reuzen van bergtoppen die al vele miljoenen jaren op de pas neerkeken. Aan de andere kant doemde de sousvlakte op waar wij ons in in zouden storten. De temperatuur was inmiddels door de zon teruggekomen tot twintig graden op een hoogte van 2000 meter en na een aantal honderd meter liep de temperatuur op naar 28 graden.

De temperatuurverschillen waren goed terug te zien in het wegdek want zijkanten van de al smalle bergpassen waren gedeeltelijk weggeslagen en er was in ieder geval geen ruimte om fatsoenlijke vangrails te plaatsen. Iedere bocht moest met grote concentratie worden genomen. Vanwege het wegdek nam ook de stofvorming exponentieel toe waardoor de bestuurders van auto’s 2, 3 & 4 plotseling geen hand voor ogen konden zien hetgeen op de bochtige route naar beneden met vreselijke steile afgronden geen pretje was. Door het slechte wegdek waggelden de auto’s vervaarlijk en zonder zicht zou men zomaar een bocht kunnen missen …

Eenmaal beneden, nog steeds op 1000 meter, reden wij over de hoogvlakte richting Taroudant. Omdat de voorraden enigszins geslonken waren, werd besloten in een klein stadje de locale markt te bezoeken. Na Marrakech kon weinig ons meer deren qua mensen menigte en de teamleden sjokten rond op de markt wat een komisch beeld opleverde. Eric en Marc, beiden goed voor minimaal 1.90 meter mens, staken als kasbah torentjes boven de mensenmassa uit. Nadat de nodige boodschappen waren ingeslagen voor een beschamend lage prijs zetten wij koers naar onze dagbestemming.

Helaas bleek de eindbestemming moeilijker te bereiken en via smalle zandstraatjes worstelden wij ons door de krochten van Taroudant. Via telefoon probeerde Nils in vloeiend steenkolen Frans de eigenaar van onze hut zover te krijgen de route duidelijk uit te leggen.

Na 2 maal vragen aan de lokale bevolking kregen wij slechts vraagtekens terug maar er was contact geweest dus er moest iets zijn. Uiteindelijk konden wij een afspraak maken bij een hotelletje waar de eigenaar ons zou ophalen. Hoewel de parkeerwachter van het hotel geen idee had bleek onze slaapplaats slechts een paar honderd meter verwijderd te zijn.

De auto’s werden volledig gestript na een week zandhappen zodat de binnenkant een beetje schoongemaakt kon worden en een overzicht gemaakt kon worden van de voorraden. Menno zag zijn kans schoon om nog even voor de duisternis het lasapparaat te testen op een uitlaat van de auto’s maar daarna keerde de rust terug in het team.

De volgende etappe zal vergelijkbaar zijn, alleen lager in hoogte omdat wij de Hoge Atlas achter ons gaan laten en via de Anti Atlas de Westelijke Sahara gaan bezoeken met weer nieuwe uitdagingen. De schoonheid van het land was voor iedereen tot nu toe een welkome verrassing en de tweede helft van de reis vol uitdagingen en gevaren ligt voor ons. Hoogstwaarschijnlijk zien wij de andere deelnemers op de volgende stop en moeten er keuzes worden gemaakt….

Zij die gaan rijden groeten u.

SPECIALE EDITIE !!

Vandaag een rustdag in het mooie Marrakesh.

Niettemin, speciaal voor onze sponsors, vrienden, kennissen, familie en volgers hebben wij (lees Rene) een filmpje gemaakt dat is samengesteld uit beelden van onze drone en GoPro.

Geniet ervan zouden wij zeggen.

En route naar Marrakech

Na de bijzonder zware route door de Sahara leek het vandaag een makkelijker stuk te zijn richting Marrakesh alwaar het team de eerste rustdag had gepland. Niets bleek minder waar maar daarover later meer…

Bij vertrek was afgesproken Zagora uit te rijden en dan snel op zoek te gaan naar een tankstation inclusief smeerput zodat de heren techneuten een blik konden werpen op de onderkant van de auto’s na de slopende rit door de Sahara. Nadat wij van de tuinman tot de parkeerbeheerder van het hotel een prijsje hadden uitonderhandeld sukkelden wij de weg weer op in weer een andere team samenstelling. Nog geen 10 minuten later waren de voorste 2 rijders de andere 2 auto’s kwijt. Contact via de walkie talkie gaf geen response en met gezwinde spoed werd de weg terug ingeslagen op zoek naar 2 vermiste auto’s.

Niet veel later doemden de prachtige bolides op in de vroege ochtend zon bij het eerste tankstation in Zagora met een werkelijk prachtige smeerput erbij …. Jan had zijn auto reeds op de smeerput gezet en was driftig aan het onderzoeken naar mogelijke problemen.

Na ruim 2 uur sleutelen, inclusief slijpén, boren en het vervangen van een stabilisatorstang leken de auto’s wederom perfect in orde om 350 kilometer te overbruggen. Zelfs de beheerders van de smeerput zaten met grote ogen te kijken naar de geoliede machine en het teamwork dat daarbij hoort, wat voor hun ogen werd uitgevoerd.

Met een fikse gang werden de kilometers opgevreten en bijzonder was het weer om te zien hoe weinig auto’s zich op de weg bevonden. Naast de weg zou een rivier moeten liggen die echter nu bijna droog was maar wel schitterende beelden opleverden met wuivenden palmen en groenstroken tussen de minuscule dorpjes.

De pret werd al snel groter toen de machtige bergen van de hoge atlas opdoemden in de verte want hoewel de landschappen op de vlaktes indrukwekkend zijn, is het nemen van een bergpas uitdagender voor het team, hoewel wij ons kunnen afvragen of na de Sahara ervaring er nog extremere routes zullen komen.

Wij passeerden mooie bergdorpen en al snel ging de hoogte meter richting de 1900 meter. Vele bergdorpen hebben slagbomen staan met een mooi bord ‘ barrière de neige ‘ en dus kan het gebeuren dat de bergpas gewoon dicht is terwijl dit toch een hoofdroute is tussen noord en zuid Marokko. Bij Ouarzate passeerden de witte bolides enkele filmstudio’s waar oa Lawrence of Arabia was opgenomen maar ook de Mad Max films met Mel Gibson met de extreme auto’s wat natuurlijk veel beter bij ons team past.

Deze keer werd besloten even een bakkie te doen in een kleiner stadje, in dit geval Agdz, waar sporen van prehistorische krijgers zijn gevonden, ipv spartaans bij een kleine oase. Marc en Menno spoedden zich echter direct naar de locale kasbah, op zoek naar zeldzame souvenirs …..

De reukorganen van het team werden op de proef gesteld want bij het koffietentje draaiden heerlijk ruikende kippetjes rond op het spit. Unaniem werd besloten 4 kippetjes mee te nemen voor het geval wij in de problemen kwamen en om Cees een beetje te sparen die tot nu toe voortreffelijk voor het team heeft gezorgd.

Echter, voor getreuzel geen tijd en wij gingen op weg naar de top van de bergpas op 2260 meter. Met de werkende hoogtemeter en thermometer in auto 3 werd scherp in de gaten gehouden of de omstandigheden drastisch veranderden. Na de werkzaamheden in Zagora gaf het kwik 29 graden aan maar halverwege de bergpas was het kwik al teruggelopen tot 18 graden.

Plotseling schoot Marc met Wiebe een zijweg in waardoor iedereen direct zeer scherp meestuurde om te onderzoeken wat er aan de hand was. Bleek echter loos alarm maar de kippetjes moesten natuurlijk worden verorberd en Marc zag een leuk plekje voorbij een soort van vuilnisbelt met zwerfhonden. Bij een idyllisch klein meertje werden de tafels en stoelen uitgepakt en werd genoten van een heerlijke lunch.

Omdat de tijd vliegt op deze reis moesten wij snel door om een beetje op tijd in Marrakesh aan te komen. Eenmaal bovengekomen op de bergpas was het nog slechts 9 graden !! En dat is natuurlijk het moment om foto’s te maken en de claxon te repareren.

De rit naar het dal bleek tijdrovend en zeer gevaarlijk te zijn. Haarspeldbochten en inhalende tegenliggers vergden de opperste concentratie van de bestuurders. Omdat het zwaartepunt van de auto’s redelijk hoog ligt, moet men bochten normaal aansnijden. Blijkbaar had de noordkant van de bergpas ook te lijden gehad van zwaar weer want het wegdek werd steeds slechter en langs de weg lagen grote rotsblokken die blijkbaar naar beneden gekomen waren.

Ook zagen de bijrijders vaak grote gapende gaten naast zich in het wegdek dat gewoon was weggespoeld. Erik als amateur geoloog zag zeer duidelijk tekenen van groot verval van het wegdek dat feitelijk zo kon wegschuiven de diepte in ( 1200-1500 meter). Vangrails waren op sommige cruciale punten verdwenen wat doet vermoeden dat een aantal serieuze ongelukken hebben plaatsgevonden op deze hoofdweg.

Langzaam kwam de duisternis aandrijven hetgeen niet bevordelijk was voor de bestuurders om het wegdek goed te lezen. Neem daarbij mensen, ezels langs de kant van de weg en zeer traag bewegende vrachtwagens met brommers die op de verkeerde weghelft naar boven komen en je hebt een mooie scenario voor een verschrikkelijke roadmovie.

50 kilometer voor Marrakech werd het toch echt donker en de snelheid moest worden teruggeschroefd. Hoe dichter wij de stad naderden hoe meer verkeer wij naast, voor, achter ons zagen verschijnen. Slecht, geen of verkeerd licht noopten het team soms vreemde manoeuvres te maken om geen schade toe te brengen of zelf op te lopen natuurlijk.

Omdat onze verblijfsplaats zich in de Medina van Marrakech bevond en de navigatie systemen onduidelijke routes gaven werd het een uitdaging om 4 monsterlijke auto’s weg te zetten. Nabij de medina leek het onmogelijk om deze vesting te nemen maar wij hadden al voor hetere vuren gestaan. Bovendien zijn er altijd mensen op brommertjes die graag assistentie bieden om de juiste wegen te berijden. In het zeer drukke stadsverkeer en het negeren van de zogenaamde behulpzame mensen reden wij ons in het donker vast in steegjes van de medina van Marrakech. Daarbij ook nog de toorn van een politieagent over ons heen omdat geen richting was aangegeven, maar als dat alles is ….Een vrij boze behulpzame mijnheer richtte zich tot Eric en het was vrij duidelijk dat de beste man niet doorhad hoe groot Eric wel niet is….

We besloten wel de beste man te volgen en bumper aan bumper om bij elkaar te blijven kwamen wij na 2 pogingen aan bij een parkeergarage waar onze auto’s werden toegelaten De spullen werden vlot uit de auto gehaald want het team heeft na ruim 3500 kilometer te hebben afgelegd een rustdag !!!

Maandag gaan wij dan via kleine bergpassen en dus waarschijnlijk wederom een uitdaging naar het zuiden langzaam richting de Westelijke Sahara.

Zij die niet gaan rijden groeten u.

Extreme Maroc

Het was al aangegeven dat het een interessante etappe zou worden, maar wat het team is tegengekomen moet ieders verbazing tarten.

De keuze was gemaakt om de extreme route nemen, tussen de rivier en bergen rond de Oued Ziz en aan de andere kant de Algerijnse grens. Vroeg en fris werd van het ontbijt genoten en natuurlijk werden de auto’s weer nagelopen na de ontberingen van de vorige dag.

De kaarten werden nogmaals nauwkeurig bekeken omdat veel zonder noemenswaardige weg zou moeten worden afgelegd. De eerste 30 kilometer was nog een asfalt weg waarover niets te klagen was en de auto’s konden lekker warmdraaien voor de barre tocht. Vele zandduinen en kamelen later maakte het asfalt plaats voor een onverharde weg en bij het laatste dorpje moesten keuzes worden gemaakt. Een behulpzame man op een scooter wenkte ons en deze keer ging het niet om het verkopen van sjaaltjes of fossielen, maar hij probeerde ons duidelijk te maken dat de weg vele gevaren had en dat onze auto’s de rit via een speciale route moesten maken want anders ….

Trots als het team is op de auto’s was dit een schop tegen het zere been en kon natuurlijk niet zomaar worden geaccepteerd. De man vroeg of wij nog een andere kaart bij ons hadden waarop een andere route zou staan vermeld want hij had nog een Michelin kaart die ons zou kunnen helpen. Afgesproken werd dat wij de man zouden volgen ( nooit met vreemde mannen meegaan?) naar zijn huis. Geen dubbele bodems echter en de man kwam met een kaart aanzetten. Niet veel anders dan onze kaarten maar nogmaals duidelijk aangevend dat de auto’s vast zouden komen te zitten in het mulle zand van de Sahara.

Omdat wij dit soort verdienmodellen al vaker hadden gezien werd het advies ter harte genomen maar niet gevolgd en wij gingen op weg naar onze route. Wij wilden door het dorp steken op weg naar het begin punt maar moesten door een wat later bleek klein meertje wat volledig droog gevallen was. Niettemin, in het mulle zand liepen 2 auto’s vast. De 4×4 cursussen kwamen zeer van pas waardoor 1 auto vrij gereden kon worden, echter de andere auto stond diep in het zand. Wiebe pakte de schep om de wielen vrij te maken en de rijplaten werden gedemonteerd van een van de wagens om grip te creëren voor de banden. Al snel bleek dat dit niet zou werken een een van de auto’s werd voor de vastgelopen auto geposteerd om mee te helpen met een kabel. Of nu wel een aanloop goed zijn of niet maakte niet zo veel uit maar de auto kwam los en wij konden onze weg vervolgen.

Saillant detail is dat de oude man ons was gevolgd en het gehele schouwspel met een paar andere vrienden gade had geslagen. Met een blik van ‘ I told you so’ en nogmaals aangevend dat hij welwillend was ons voor te gaan om de juiste weg, besloten wij onze route op te maken. Hollandse branie ten top en onder het mom we kunnen altijd nog terug gingen wij stoer op pad.

Via een rots/ stenen uitgehakte/uitgesloten weg hobbelden wij naar het Westen. Een aantal vrachtwagens volgeladen met stenen passeerden ons als tegenliggers hetgeen deed vermoeden dat er inderdaad gewoon een soort van weg zou moeten zijn.

Auto nummer 3 bonkte vervaarlijk over de slechte weg maar de bestuurder, meester engineer Menno, voelde geen nattigheid. Onder aanvoering van team Captain Marc vervolgden wij onze weg en langzaam veranderde het landschap maar ook de weg in een zandpad. Een paar kilometer verder stond wederom een man met een brommertje ??? die letterlijk herhaalde wat de oude man eerder had gezegd. De normale rivier crossing zou niet mogelijk zijn maar hij was ook bereid de beste route voor onze auto’s te wijzen waardoor wij toch normaal onze bestemming konden bereiken, zonder een auto of mensen te verliezen (gechargeerd).

Hoewel het team niet overtuigd was van de hulp die de man kon bieden die de Sahara op zijn duimpje kent , ging de beste kerel toch voor rijden. Als snel bleek dat het zand muller aan het worden was een een veelvoud aan sporen konden worden gevolgd. Mohammed reed 100 meter voor ons en reed onverstoorbaar paden over die wij dan volgden. Spectaculaire acties en schitterende plaatjes waren het gevolg en langzaam maar gestaag maakten wij vorderingen. De route die wij hadden uitgestippeld liep in de buurt en op een gegeven moment bekroop de geachte dat de jongens op scooters dit heel handig deden.

Niettemin, hellingshoeken van meer dan 15 graden deden aan de andere kant vermoeden dat de passage zeer serieus moest worden genomen. Indrukwekkende stuurmanstechnieken werden door het team ten toon gespreid en met de veranderende omgeving een hele ervaring om mee te maken.

Het gevaar zat hem in de passage van een rivierbedding die uit zeer mul zand bestond en blijkbaar per week kan verschillen. Eenmaal daar aangekomen bleek wat wij ons op de hals hadden gehaald. Hoewel de auto’s nog geen tot 50 meter uit elkaar reden was het voor de volgers vaak nog lastig te bepalen welk spoor gevolgd moest worden want er liepen er vele. Als team functioneerde dat prima en bij zeer steile zandpassages werden even in de gaten gehouden wat er gebeurde. Eerlijk toegegeven was de schrijver niet overtuigd en stond het zweet op plekken waarheid niet hoort, maar met vertrouwen van de fantastische bestuurders en onophoudelijk doorzettingsvermogen geraakten wij aan de andere kant van de rivierbeddding. Aldaar namen wij afscheid van Mohammed en na de gebruikelijke uitruil van spullen maar uiteraard ook met betaling van cash gingen wij volg goede moed op pad.

300 meter verder waren wij het spoor bijster …. een vervelende helling belette het overzicht en Marc ging lopend poolshoogte nemen. Daar bleek een soort van spoor te lopen en bij gebrek aan andere opties probeerden wij de helling over te komen. Na ongeveer 7 pogingen waren alle auto’s boven. Jan kwam de plaatselijke geitenhoeder tegen en vroeg hem de weg naar onze bestemming. In het zand kon de man een route tekenen en wij vervolge onze stoere reis.

Het mulle zand maakte plaats voor keien, stenen, grind en zand hetgeen voor de auto’s die de voorste auto volgden een spectaculair gezicht was qua stofvorming.

Onze meester engineer Menno was zich toch wat gaan storen aan het gebonk links achter in auto 3 . Langzaam werkte hij aan een plan om dit op te lossen. Onderweg pikten wij een oude rubber band op waar mij de bedoeling van volledig onbekend was.

Na hard werken moet de maag worden gestild en er werd een plek gezocht waar Cees zijn kookkunsten kon vertonen. Rond 1 boompje in het midden van de woestijn werden de auto’s neergezet en op het menu stond chili con carne !!! Tegelijkertijd kwam het meesterplan van Menno tot uitvoering. De rubberband werd kapot gesneden, althans repen, en deze werden door de achterveren geregen waardoor de vering strakker werd gezet. Een paar banden eraf en erop, wat tie wraps hier en daar om onderdelen van de auto’s vast te zetten was de pitstop gelukt.

Na het verorberen van een wederom geweldige lunch moest de weg worden vervolgd want wij hadden slechts tachtig km afgelegd.

Na oneindig veel prachtige landschappen belanden wij op een normale weg richting bestemming. Na de lunch bleek het gebonk van auto drie volledig te zijn verdwenen. Hulde voor Menno en de techneuten. Enige kleine puntje was dat de snelheid duidelijk toenam en dat de nieren schokproof bleken te zijn.

Ik denk dat deze etappe memorabel zal worden en dat de beelden iets meegeven van de extreme omstandigheden waar ook gewone mensen leven, ook in de snikhete zomers. En in een nat seizoen zijn de wegen simpelweg niet begaanbaar.

Zij die gaan rijden groeten u.

Le Beau Maroc

Hedenochtend kwam het team samen voor het ontbijt en de reisplanning van de dag. De slopende bergetappe had invloed gehad op de krachten van een aantal mensen en er werd besloten van de Challenge Route af te wijken, althans een escape route te volgen via de nog steeds de Hoge Atlas en te eindigen aan de rand van de Sahara.

Nadat de auto’s waren nagelopen en wij een tiental mensen hadden uitgelegd dat wij nu wel genoeg souvenirs hadden aangeschaft en geruild tegen shirts, werd de reis begonnen richting het barre zuiden.

De hoogte meter in auto 3 liep al snel op naar 2000 meter en de ene mooie bergtop werd afgewisseld voor een andere mooie bergtop. Tijdens de beginfase van de reis bleek al snel dat de escape route nog een paar escapes had die wij niet zouden moeten missen. Cees ontdekte als eerste nog een andere korte D tour waar een goede bak koffie/thee kon worden gedronken. Met een rotgang werd van de hoofdrijbaan afgeweken de diepte in en recht op een ondergelopen bruggetje af. Met veel branie werd de auto door het water gedirigeerd wat gelukkig niet al te diep bleek te zijn. Dit voorbeeld werd natuurlijk door de anderen gevolgd waardoor de auto’s een frisse wasbeurt kregen hetgeen best mocht na de vorige dag stof te hebben gehapt.

Natuurlijk moest de 4×4 stand worden getest in een rivier bedding en net toen wij dachten dat wij 2 Galoppers verloren hadden kwamen de auto’s de hoek omzetten met big smiles op de gezichten van de bestuurders Marc en Wiebe.

Nadat de innerlijke mens was verzorgd was het tijd de doorsteek te maken van de Hoge Atlas. De grote rivier Oued Ziz dook naast ons op om ons tot aan eindbestemming niet meer te verlaten. De meest prachtige beelden kwamen op de rit voorbij. Het Franse vreemdelingenlegioen heeft blijkbaar een groot aandeel gehad de doorsteek naar de zuidelijke kant van Marokko mogelijk te maken wat heeft geleid tot de bouw van mooie oude tunnels.

De zizivallei werd gepasseerd die onwaarschijnlijk groen was vergeleken met de rest van het landschap maar dit had alles te maken met de machtige rivier de Oued Ziz. Besloten was om een escape route te volgen via een piste. Wiebe en Nils voorop met de kaart in de hand doken nu de hoofdrijbaan af. Na enige omzwervingen kwamen wij op een prachtige dam uit waar een fotomoment werd ingelast en de nodige sanitaire mogelijkheden werden benut. De vogeltjes floten en de temperatuur begon op te lopen.

Helaas werden wij op een gegeven moment staande gehouden door 2 oude heren die iets zelden over het gesloten zijn van de weg. Wiebe zou Wiebe niet zijn om alsnog te proberen de weg te vervolgen hetgeen normaliter mooie wegen oplevert en een uitdaging is voor de auto’s. De heren werden genegeerd en wij vervolgden de route, hoewel op zeer slecht wegdek, totdat wij op een soort van terp tot stilstand kwamen omdat er simpelweg geen weg meer was. Ineens bleek duidelijk dat het geen vogeltjes waren die floten maar een wachtcommandant van het Marokkaanse leger die onze aandacht wilde trekken. Druk gebarend bovenop de heuvel die de prachtige dam overzag en de plek waar wij gestrand waren na het advies van de oude heren, was al snel duidelijk dat wij, niet voor het eerst, het gezag tartten. Wij keerden terug naar de aangegeven route echter in de verte zagen wij een legercommandant aansnellen die ons wilde spreken. Wij legden uit dat wij de weg hadden gevolgd en niet in de gaten hadden een militair complex te zijn opgereden. Om de weg te vervolgen moesten wij 20 meter verder zijn. Maar dan wel aan de buitenkant van het hek van het leger gebied. Terug zou ongeveer 3 kilometer zijn over een weg die nu niet eens als matig kon worden bestempeld. Een andere commandant gaf echter een teken dat wij toch via het hek mochten vertrekken echter onder de uitdrukkelijke belofte dat wij geen foto’s hadden gemaakt. De meewerkendheid had onmiskenbaar te maken met de vriendelijke uitstraling van het team en de machtige bolides.

De weg werd vervolgd en de volgende stop was een oase waar een bron met helblauw water zou zijn waarin gezwommen kon worden. Kortom: troebel water en op de thee bij een verkoper die ons sjaaltjes en andere prullaria aansmeerde voor een te hoge prijs.

Niettemin, blijkbaar was in het verleden een stop ingepland voor de Dakar challenge omdat een restaurant eigenaar een gastenboek kom laten zien waaruit inderdaad bleek dat het een bekende plek betrof. Door de bron was de oase wel zeer groen en vruchtbaar en na uitleg van de restaurant eigenaar waren wij in het centrum van Marokko beland, althans in de middeleeuwen.

Een oude kasba’s was te zien in de verte en direct begon het te kriebelen bij Marc om toch een kijkje te nemen bij de ruïnes. Op zich niet zo erg, ware het niet dat Marc het liefst de oude ruïnes zou inrijden. Wat volgde was een spectaculaire en spannende rit over grindpaden, langs moestuinen met een natte ondergrond en kuilen waar een Duitser jaloers op zou kunnen worden.

Helaas werd zelfs na een speurtocht met Marc en Wiebe in de auto en Eric als verkenner voorop niet duidelijk of wij de weg moesten vervolgen. Aldus werd besloten dat het een zeer mooie plek was om te lunchen en zoals wij inmiddels weten kan Cees dat prima. Tussen de dadel- en vijgenbomen was het weer genieten.

Met een democratische stem werd besloten de weg terug te nemen. Er leek een kortere uitweg te zijn die gelijk staat aan de Spaanse trappen in Rome, maar dat is voor een 4×4 monster natuurlijk geen probleem…..

De reis werd voortgezet naar Merzouga en waar wij dachten nog een prachtige gravel piste te kunnen nemen, bleek dat men een mooie asfaltweg te hebben neergelegd, althans mooi voor zuid Marokkaanse begrippen.

Tegen de schemering arriveerden wij op de bestemming. Vandaag waren wij dus wederom in contact gekomen met de autoriteiten en gelukkig zonder noemenswaardige problemen konden wij de route vervolgen. De verscheidenheid aan landschappen is opzienbarend en schitterend om te ervaren.

Morgen staat een monsterrit op de agenda. Van Merzouga naar Zagora waar wij rechts buiten de zandduinen en rivier moeten blijven en aan de linkerkant zeker uit Algerije moeten blijven, want de betrekkingen zijn blijkbaar uiterst onvriendelijk.

Zij die gaan rijden groeten u!!

P.s. Wij proberen de mooiste foto’s en video’s zsm te posten

Na een nacht in Fes te hebben doorgebracht en helaas geen tijd gehad om de stad te bekijken, stond de nieuwe etappe alweer voor onze neuzen.

Ons was ingefluisterd dat het een mooie route was maar zeer tijdrovend en daar bleek geen woord van te zijn gelogen. In alle vroegte, net voor het licht de schoonheid van de stad kon tonen, was het team in de weer om de auto’s na te lopen op kleine mankementen. Met Menno en Jan in de lead wordt alles minutieus nagelopen en natuurlijk met hulp van de andere technici (ik zeker niet..) worden de auto’s gereed gemaakt.

De challenge heeft niets aan treuzelaars want er moeten serieuze kilometers worden gemaakt. Vandaag niet alleen in de lengte maar ook in de hoogte.

Niettemin, allereerst moesten wij de stad Fes zien te verlaten zonder aanrijding te veroorzaken, mensen over te rijden ( ze steken gewoon over zonder te verblikken of verblozen) , rood licht over het hoofd zien of elkaar direct kwijt te raken in de drukke ochtendspits van de stad. Hoewel de route was doorgesproken bleek de off line versie niet lekker te werken bij de 2 voorste auto’s waardoor wij een extra rotondetje of 6 moesten nemen hetgeen rustig als een uitdaging genoemd mag worden. ring Rotterdam is dan een ‘ walk in the park’ .

De bolides werden net buiten de stad voorzien van verse brandstof en omdat ieder tankstation een smeerput heeft, maakt Jan graag van de gelegenheid gebruik een aantal auto’s extra te inspecteren.

Eerste plaats van aandacht was Bir Tam Tam alwaar wij de koers verleggen van ‘ normale weg’ naar alles wat bereikbaar is voor een 4×4 of ervaren bestuurders.

Hoewel de meeste van de teamleden toch echt wel iets van de wereld hebben gezien werd vandaag toch wel een unieke ervaring. Het doel was de berg Tizi Bou Zabel van 2400 meter hoog te bedwingen per auto en trots kan ik melden dat het is gelukt. Een dag rijden van 0800 tot 1930 was niet ongewoon maar slechts 320 kilometer afleggen geeft de moeilijkheidsgraad goed aan. Met een beetje neerslag hetgeen niet ongewoon is in deze periode had het wel eens een zeer barre tocht kunnen worden.

Los van de bedwinging van de berg moesten er een paar hordes worden genomen in de vorm van slecht wegdek, drukke dorpjes en Marc die aan iedereen een pen wil slijten. De meningen zijn nog een beetje verdeeld of de locale mensen het nu echt leuk vinden wanneer mensen zoals wij langskomen of dat wij simpel worden gezien als de dikdoenerige toeristen met hun dikke wagens.

Gisteren bijvoorbeeld stonden er een aantal lieve kinderen volgens Renee langs de weg aar in plaats van te zwaaien kreeg onze auto een paar stenen te verwerken. Een oudere heer greep overigens hard in op het gedrag van deze kindertjes omdat hij waarschijnlijk heel goed begrijpt dat het een bron van inkomsten is.

Soms zeggen beelden zo veel meer dan woorden en wij proberen op allerlei manieren de mooiste foto’s en video’s te plaatsen maar de Wifi Verbinding is helaas niet altijd even goed. Echter, van bossen, droge rivierbeddingen

,die duidelijk laten zien dat veel water naar beneden kan komen, tot kale vlaktes en schitterende bergketens geven de diversiteit van het land aan en dan hebben wij het nog maar over een klein stukje van Marokko.

Naarmate onze reis vorderde werd het wegdek steeds uitdagender en vaak moest worden teruggeschakeld naar de eerste of tweede versnelling vanwege het stijgingspercentage en hobbels en bobbels in het wegdek. Boven de 1500 meter werd het weggetje ( dat bekend staat als een van de weinige bergpassen van dat gebied) redelijk smal en een enkele tegenligger moest in alle voorzichtigheid worden gepasseerd. Rechts was namelijk de afgrond van 1000 meter en links een passerend voertuig met gaten in de weg waardoor de voertuigen gevaarlijk dicht bij elkaar schommelden. Een simpele stuurfout of erger een klapband op het rotsige wegdek zou wel eens zware consequenties gehad kunnen hebben. Niettemin, safety first is het motto, en alle manoeuvres werden soepel uitgevoerd.

Vele foto momenten later (hopelijk krijgen we dat snel on line want het is adembenemend) waar zelfs de drone en go pro werden gebruikt voor het video materiaal bereikte wij de top. Vanaf 2000 meter bleek er echter wel wateroppervlak de berg te zijn want met het al slechte wegdek moesten wij ook een aantal plassen trotseren. Met plassen is echter het probleem dat niet precies duidelijk is hoe diep de kuil is ……

Het hellingspercentage nam snel toe en de losse stenen vlogen in het rond om de top te halen. Ik vergelijk het met skiën waar vaak de eerste meters van een rode piste toch wel heel erg steil zijn. Omdat de ruimte op de top gering was werd besloten direct door te steken naar de andere kant. Net als bij bergbeklimmers blijft de weg terug net zo goed oppassen. Omhoog rijdend heb je controle maar omlaag moet je controle kunnen houden. Wederom kuilen en bobbels, een auto die naar beneden wil racen en hoewel de bolides zeer goed geprepareerd zijn door onze fantastische techneuten, blijven de auto’s natuurlijk op leeftijd.

Zonder kleerscheuren werd gelukkig de hoogvlakte bereikt wat nog steeds op 1500 meter is. Aldaar bleek de aanwezigheid van Cees als topchef werelds te zijn. Op een open plek bij een drooggevallen rivier bereidde Cees de beste lunch die wij tot nu toe gehad hebben. Eieren, toast, een ware hoofdprijs voor het behalen van de top.

Echter, wij waren nog lang niet op bestemming en met de naderende duisternis moest toch een beetje haast gemaakt worden. Afgesproken werd een iets andere route kiezen en omdat wij naar het zuid westen koersten hadden wij de zon pal in onze gezichten. Slecht zicht en de afwezigheid van een berm ( einde asfalt, gat) noopten de rijders op en top geconcentreerd te blijven. 26 kilometer lang reden 4 schitterende auto’s over een grindpiste waar de stofwolken tot in de weide omtrek te zien moeten zijn geweest leek te mooi om waar te zijn. De auto van Cees en Renee die vandaag samen reden (voor de team geest wijzigen de auto samenstellingen per dag) verloor een onderplaat die net niet de dieseltank doorboorde. Met een spanband …. werd de onderplaat weer bevestigd en werd de reis met de vallende duisternis voortgezet.

Gelukkkig kwamen wij snel op een asfalt weg. Niettemin, in het donker zie je fietsers aan de verkeerde kant van de weg niet of heel laat en met 70 km/u een tractor van achter benaderen levert ook spanningen op. Altijd interessant blijft het doorkruisen van een dorp of een stadje waar mensen gewoon zijn op straat te lopen en over te steken.

In het donker bereikten wij veilig onze bestemming en kunnen wij ons in alle rust voorbereiden op de reis door de hoge atlas en richting de Sahara.

Zij die gaan rijden groeten u.

Dag 4

Dat het een onvergetelijke trip zou worden was iedereen wel duidelijk maar zo veel indrukken op 1 dag, positief en negatief , was wel heel bijzonder.

Het team werd verplicht zeer vroeg op te staan om de Ferry van Algeciras naar Ceuta van 0800 te halen. Niet iedereen van het team was scherp zo vroeg in de ochtend waardoor er sprake was van een stress moment. Waar wij in konvooi zouden moeten rijden naar de Ferry terminal was de Spaanse begeleiding dermate gespannen dat het ‘manana manana’ gevoel volledig was verdwenen. De helft van de teams vertrok met begeleiding direct naar de Ferry waar ons team met anderen zonder begeleiding de Ferry moesten halen.

De navigator had vervolgens onbedoeld een route gepland wat meer leek op een omtrekkende beweging zoals wij kennen uit het leger ipv direct naar de Ferry terminal. Niettemin, uiteindelijk sloten alle teams de rijen en met een hoop kabaal gingen alle teams letterlijk het schip in.

Na een welverdiende kop koffie (let op; het was net 0800 geweest) en de felicitaties voor de jarige Nils keken wij onze ogen uit op de boot richting Ceuta wat binnen 45 minuten bereikt werd. Gibraltar werd door de Spanjaarden genegeerd door bijna geen verkeersborden aan te duiden dat Gibraltar bestaat maar bij aankomst in Ceuta wapperde trost een enorme Spaanse vlag om zeer duidelijk te maken wiens grondgebied dat is. Hoewel wij hadden begrepen dat de grens overgang geen makkie zou worden werd dit een intimiderende onderneming. Wij hadden natuurlijk in Noord Spanje al kennis gemaakt met de Spaanse politie maar de marechaussee deed hier niet voor onder.

Vanaf de Ferry reden alle teams in konvooi richting de Marokkaanse grens. Direct was merkbaar dat de welvaart van de haven snel plaats maakte voor een wat sobere levensstijl van de mensen dichtbij de grens. Vele Marokkanen wandelden naast de auto’s met verschillende spullen in alle soorten en maten ( van autobanden tot het dragen van huisraad op het hoofd) richting de grenspost. Waar wij gewend zijn in alle rust een landsgrens te passeren zonder al te veel poeha, bleek dit een verzamelplaats te zijn voor heel veel mensen die ‘ assistentie’ wilden verlenen. Bij aankomst bij de grens bleek dat de hekken gesloten waren en in eerste instantie was volledig onduidelijk wat er zou gaan gebeuren. Na enige discussies tussen de deelnemers en de zeer onvriendelijke marechaussee bleek dat duizenden mensen aan de andere kant stonden die het land wilden verlaten en dus was de grens dichtgegooid. Er werd gesproken over een vertraging van 2 uur minimaal …

Niet getreurd natuurlijk en vol verwachting parkeerden de teams de auto’s op het strand in afwachting van verder nieuws. Al snel werd duidelijk dat veel mensen interesse hadden in ons en onze spullen dus de waakzaamheid verhoogde duidelijk. Na ongeveer een uur kwam de guardia de civil het strand op met de heugelijke mededeling dat de grens open was gegaan, voor ons alleen bleek later.

Bij het passeren van de Spaanse grens werd de drukte en onrust groter en het gevoel is zeer lastig op papier te krijgen. 22 Dakar Challenge auto’s tussen honderden mensen die in niemandsland een andere land probeerden in te komen. Spaanse politie agenten handhaafden de orde zeer strak en zelfs de knuppel werd niet geschuwd om iedereen in het gareel te houden. Vergelijk het met de drie doldwaze dagen bij de bijenkorf, alleen dan met zeer boze politie agenten die mensen de juiste kant op dirigeren en de rust te bewaren met wapenstokken.

Renee had de tegenwoordigheid van geest dit vast te leggen op beeld maar het bleek al snel dat men geen camera’s dulden om de situatie vast te leggen. Alle deuren werden vergrendeld en wij reden stapvoets door de menigte richting Marokkaanse grens. Daar beek dat een visum moest worden geregeld en de auto’s worden ingeschreven in het paspoort want wat Marokko in gaat moet er ook uit anders volgt een fikse boete.

Deze procedure moest dus voor ongeveer 22 auto’s worden uitgevoerd, maar al snel bleek dat dat helaas geen prioriteit was bij de Marokkaanse douane. De auto’s werden ook nog eens geïnspecteerd op smokkelwaar terwijl aan alle kanten welwillenden maar ook duistere types passeerden.

2 uur later waren dan eindelijk alle officiële handelingen verricht en werden wij toegelaten in Marokko. Voor de beeldvorming; normaliter hadden wij 300 km afgelegd en nu sinds vertrek slechts 35 km. Dat vergde direct een mentale aanpassing van het team.

Tijdens het wachten hadden wij een aantal mensen gesproken die de route eerder hadden afgelegd en bleek dat wij het niet eens zo verkeerd hadden gedaan. Daarnaast kregen wij te horen via verschillenden kanten dat de route naar Fez werd gezien als een route door drugsgebieden. Mensen werden verschillende keren gevraagd of ze drugs wilden kopen (typisch voor Nederlanders) en bij een negatief antwoord werd nog wel eens intimiderend gedrag vertoond. Stoer als wij zijn met 8 beulen van mannen vertrokken wij richting Fez.

Enige kilometers verder stopten wij om te tanken en de mensen waren zeer vriendelijk en behulpzaam, totaal anders dan wat wij bij de grens hadden meegemaakt. De bedrukte stemming maakte snel plaats voor het plezier en goede zin.

Wat volgde was een prachtige rit met in ons kielzog 3 andere auto’s die met ons wilden optrekken zodat wij voldoende body hadden. Aan de reacties van de mensen bleek duidelijk dat wij niet in het gewone straatbeeld pasten. Onze navigator van de ochtend had het plan opgevat om de eerste stad van enig formaat, Tetouan, te doorkruisen ipv er om heen te rijden. 7 grote 4×4 auto’s volledig bepakt, inclusief stoplichten en zebrapaden, waar mensen inderdaad voorrang krijgen, was een uitdaging om alles bij elkaar te houden. Het gaf een fantastische indruk van de stad en leerde het team om te gaan met het in konvooi rijden met hindernissen.

Omdat de grensovergang dermate veel tijd had gekost moest een andere route worden gepland want niemand zat te wachten om in het pikkedonker te rijden. Wel bleek dat Marokko geen wintertijd kent dus wij hadden ook een uur gewonnen.

Het rif gebergte werd gepasseerd en de auto’s, waar het afgelopen dagen vaak over is gegaan, deden het prima. 2 baans wegen met redelijke hellingen, inclusief inhaalmanoeuvres ala Max werden soepel uitgevoerd door de coureurs. De gemiddelde snelheid lag slechts rond de 50 km want wegdek en de bochtige omgeving noopten ons tot voorzichtigheid.

Daarnaast was het oppassen voor: koeien, schapen, mensen, paard en wagen vlak langs of zelfs op de weg en overmoedige weggebruikers. Het viel op dat schoolgaande kinderen (van 4 tot 13 jaar ongeveer) allemaal naar en van school lopen en naar het zich liet aanzien kilometers ver. Geen dikke auto’s voor school of fietsende mensen maar gewoon ouderwets met de benenwagen.

De reisplanning werd nog even tegen het licht gehouden omdat vanwege het uur tijdverschil de duisternis vroeger in zou treden. De keuze moest worden gemaakt de bekend N weg te volgen of via een R en P ( te vergelijken met onze B wegen of zelfs grind/gravel paden) weg naar Fez te komen. Renee overtuigde het team (mij met name) dat het avontuur de boventoon moest voeren en aldus kozen wij voor de kortste weg naar

Fez. Dat bleek een schot in de roos te zijn want het leverde schitterende beelden op en het asfalt was van goede kwaliteit.

Uiteindelijk kwamen wij uit bij Fez in de schemering. Het verblijf was in de oude stad waardoor wij rond de medina van Fez werden geleid en nog een mooi beeld kregen van de grandeur van deze koningsstad.

Het was een schitterende dag met stress momenten, intimiderend soms, maar ook prachtig om dit als team zo mee te maken met fantastische routes en mooie beelden als herinnering (worden zsm bijgevoegd).

De volgende etappe zal ons door de hoge atlas leiden waar wij weer een heel ander beeld zullen krijgen van Marokko.

Zij die gaan rijden groeten u.