Le Fin !!

Vandaag de Koninginnenrit naar Lac Rose, Dakar.

Na een soort van houten hoofd na het vieren van het behalen van Senegal, zouden wij om 0900 op pad gaan. Vandaag hadden wij Arthur bij ons van de organisatie die wij ook in Nederland waren tegengekomen en hij beloofde een mooie route te hebben en daar bleek niets van gelogen te zijn.

De gehele stoet stond klaar voor de laatste klus naar de finish. Wij verlieten het kampement en reden een prachtig zandweggetje in omringd door groene bomen. De organisatie had de laatste officiële Parijs Dakar route ingepland. Denkbeeldig reden wij met 200 kilometer per uur door kleine gehuchtjes. Wij konden echter zwaaien naar de mensen met 30/40 km/u terwijl de echte mannen daar natuurlijk geen moment de tijd voor gehad hadden. Veel auto’s verloren veel ballast in dit soort dorpjes omdat allerlei attributen vrij makkelijk weg te geven waren.

Langzaam kronkelde het lichte zandpad richting de zee want er zou ongeveer 150 kilometer over het strand worden gerost met de auto’s. Bij de zee aangekomen werd de stoet auto’s stil gezet want de de normale routine is: 4×4 stand en de bandenspanning terug naar 1 bar, een wereld van verschil om goed over slecht terrein te rijden. Er moest 250 meter mul zand worden overbrugd alvorens de auto’s op de vloedlijn terecht kwamen, inclusief klein richeltje wat was ontstaan door de getijdewisselingen van de Atlantische Oceaan.

Slechts een van de auto’s raakte vast in het mulle zand vanwege te weinig vaart dat snel werd verholpen door alle deelnemende teams. 3 Autos vielen bijna om omdat de ze zich verkeken op de steilheid van het richeltje waardoor het vlak voor de finish alsnog bijna einde reis was geweest. Eenmaal op het strand werd het feest. Van 30 km/u langzaam opbouwend naar zeker 80 kilometer per uur scheurden wij langs de waterlijn die zich nog aan het terugtrekken was. De oceaan leek nog mooier en iedereen weet dat water trekt en dat gaf soms schitterende beelden van waterwaaiers in de fel brandende zon. Er moest nog wel worden opgepast op verraderlijke heuvels waardoor de auto gelanceerd zou kunnen worden en aan de andere kant het rechtervoorwiel moest niet plotseling te veel water pakken want dat zou tevens voor een koprol kunnen zorgen.

Gedurende de strandrit passeerden wij een aantal dorpjes waar de snelheid teruggebracht werd om te kijken wat daar allemaal gebeurde. Tientallen schitterend gekleurde bootjes lagen op de wal, zojuist teruggekomen van de nachtelijke visvangst of dreven in de branding wachtend tot zij de kant op konden. Zo’n bootje kun je het best vergelijken met een grote sloep en model kano van een metertje of 12. Met 20 man werd het scheepje op 2 wieltjes gereden en met vereende krachten werd het schip de kant op geduwd, getrokken, gereden. Verschillende keren moesten wij wachten omdat het strand geblokkeerd was door de bootje en behulpzaam als wij zijn, sleurden wij driftig mee aan de scheepjes om ze uit de weg te krijgen op het droge. Grote hilariteit om een paar blanke oudere jongeren te zien spartelen met zo’n loeizwaar apparaat.

In een van de dorpjes ging het team op jacht naar de lunch die feitelijk voor de neus lag. Met een goede neus voor zaken werden een aantal kreeften en langoustines op de kop getikt in ruil voor een paar polo’s. Voor de plaatselijke bevolking was dit dagelijks werk en dus inkomen. Bij het zien van ‘goodies’ bleef het ook gewoon rustig in plaats van dat alle vissers en helpers van vissers zich richten op de auto’s en de inhoud.

Nadat wij afscheid hadden genomen van een aantal dorpelingen gingen wij voort. Op het strand kwamen wij mensen tegen die duidelijk ergens heen wandelden maar kilometers moesten afleggen. De heren Broeksma reden voorop en waren niet te beroerd om een aantal verstekelingen op de achterbumper te posteren zodat de beste kerels veel vroeger op bestemming kwamen. Wel was het oppassen voor de andere bestuurders er achter want mocht een bult worden gemist dan zouden mannen worden gelanceerd en kans op een aanrijding ontstaan.

Een half uur later begon de buit te branden in het zakje net als destijds de vers gebraden kippetjes. En moest er een plek worden gezocht voor de lunch…. met geen dorp en dus geen mens in zicht werden de auto’s in het zand geparkeerd met voor ons de Atlantische Oceaan met overigens prachtig helder water en achter ons mul wit zand met een bomen er achter, wat een fantastische ervaring!!

Het zal een gemis zijn de kookkunsten van Cees bij terugkomst niet meer zo vaak te mogen aanschouwen want met zoveel liefde bereid hij eten, dat het een genot is om te zien. Met zo weinig middelen, zo veel rijkdom op een bord te krijgen is gewoonweg fantastisch.

De langoustines en kreeften waren dan ook in een mum van tijd verdwenen in de magen van het team en er werd even gechilled op het strand.

Natuurlijk moest de Atlantische Oceaan worden bedwongen want met een dikke 35 graden was een frisse duik in de zee een must. Toch zat daar nog iets heel gevaarlijks in wat wij ons later pas beseften. Ronddobberend in het heerlijke water zag Rene iets voorbij drijven wat leek op een plastic zak. Scherp en onderzoekend als Rene is keek hij verder en ontwaarde iets van een blauwe gloed. Het was helemaal geen plastic maar een voor ons gelukkig eenzaam klein Portugees Slagschip. Voor de mensen die niet weten wat dat is adviseer ik even te googelen en dan te beseffen aan wat voor ramp wij waren ontsnapt indien er een school volwassen Portugese Slagschepen voorbij was gedreven. Er ontstond geen paniek en later werd iedereen op de hoogte gesteld van het gevaar…

Vanwege de opkomende vloed moesten wij toch weer vaart maken want het strand zou weer zeer klein gaan worden en zout en auto’s is geen goede combinatie.

Tijdens het laatste stuk op het zand zie je dan toch nog de keerzijde van een arm land. Wij naderden een muur van afval met 2 pijpleidingen de zee in waar op dat moment niet zo gek veel uitkwam maar het zand was anders van structuur en over een lengte van 100 meter lagen honderden dode vissen. Er bleken pure fosfaten te worden gedumpt.

Vlak voor Dakar moesten wij dan het mooie strand gaan verlaten. Wij moesten wederom een lengte van 300-400 meter mul zand overbruggen voordat wij het kampement bij de finish Lac Rose zouden bereiken. Onze bolides hadden zich inmiddels dermate bewezen dat met speels gemak het mulle zand werd bedwongen en zomaar uit het niets was daar de Finish van de Dakar Challenge.

Duizenden kilometers door verschillende landen, de meest uiteenlopende landschappen, een variété van beesten, waren wij gewoon in Dakar aangekomen. Een emotioneel moment want het was gewoon gelukt terwijl wij reeds in Spanje serieuze problemen hadden gekend. Teamfoto’s werden geschoten en natuurlijk werd geproost op de goede afloop.

Er is ruimte voor een rustdag in Dakar. Echter daarna moeten wij het uiteindelijke reisdoel nog bereiken, Banjul in Gambia alwaar de auto’s moeten worden geprepareerd voor de veiling. Het zal nog emotioneel worden om afscheid te nemen van onze mooie sterke dames ….

Met Rene proberen wij zsm een compilatie te maken van beeldmateriaal zodat naast de tekst ook weer visueel in beeld kan worden gebracht wat wij hebben meegemaakt. In Senegal is de communicatie weer stukken beter dus hopelijk krijgen wij de mooiste en interessantste beelden op de site. Hierbij een korte teaser

Zij die niet gaan rijden groeten u.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: